maart.

Het was maart. Maart was zo’n maand met (meestal) precies een fijne flow. Niet te wild, niet te rustig. Een mooie balans. Ja, heel soms lukt dat.

Het was een lichte maand. Een zonnige. Waren er dagen waarop de zon níet scheen? Ik genoot ervan en was veel buiten. Ik zwom, ik werkte in de tuin, ik wandelde, ik at mijn lunch in het bos of op een bankje bij kantoor, ik picknickte aan een meer. En ik verruilde zo vaak mogelijk mijn winterjas voor mijn nieuwe jasje – en elke keer als ik dat droeg voelde ik me de beste versie van mezelf. Ha.

In de tweede week van de maand kwam corona op visite. Ik ben maar thuis gebleven. Het maakte dat ik van het opleidingsweekend maar één dag mee kon maken, en hoewel ik daar in eerste instantie best van baalde, was het uiteindelijk oké. Die dag dat ik er wel kon zijn, was precies goed en genoeg. Soms gaat het zoals het moet gaan.

lees verder →

vandaag.

beetje in de war vandaag
alles door elkaar vandaag
weet niet wat of waar vandaag
wie of waarom zwaar vandaag

alles lijkt wel stroop vandaag
dingen in de knoop vandaag
rommel in mijn hoofd vandaag
zoeken naar de hoop vandaag

luister wat muziek vandaag
neem een warme douche vandaag
allerchillste trui vandaag
doe maar rustig aan vandaag

ogen even dicht vandaag
woorden op papier vandaag
liedjes op repeat vandaag
morgen weer een dag vandaag

allebei.

Het loopt anders vandaag. Anders dan verwacht.

In mijn agenda stond een opleidingsdag. Gisteravond al zou ik hup, in de auto, zuidwaarts rijden. Zodat ik vanochtend rustig op kon starten en om half elf in een kring van lieve mensen zou zitten. Een grote bos bloemen in het midden, zoals altijd. Eerst een rondje met hoe het iedereen de laatste tijd is vergaan. En dan twee dagen luisteren, bewegen, delen, oefenen, voelen, uitwisselen, ervaren, leren.

Het ging anders. Corona kwam langs. Niks ernstigs – ik prijs mezelf gelukkig met iets dat nauwelijks een verkoudheid te noemen is. Maar desondanks bleef het net iets langer hangen dan ik hoopte, en moest ik vandaag nog binnen blijven. Morgen rijd ik alsnog naar het zuiden voor dag twee.

Maar nu ben ik dus thuis. Ik luister het nieuwe liedje van Oh Wonder. Ik draag het jasje dat ik deze week – na heel lang twijfelen – kocht, en nu eigenlijk niet meer uit wil doen. Ribstof, zacht en comfortabel, en ook een beetje stoer. Het zit als gegoten.

lees verder →

februari.

Februari was een bewegelijke maand.

Het was een maand vol goede gesprekken tijdens lange wandelingen. Mijn werk was redelijk rustig en ik had zin – en dus ook tijd – om mensen te ontmoeten. Om te praten, te luisteren, ervaringen te delen, te sparren, nieuwe invalshoeken en energie op te doen. Dus ik kroop achter mijn bureau vandaan en zette heel wat stappen, steeds met ander gezelschap. Vrienden, studiegenoten, een dominee, een kennis. Alsof ik met al die mensen even mocht ervaren dat we samen onderweg zijn. Mooi wel.

En dan dat weer hè, sjonge. Er waren regenachtige wandelingen bij, zeker. Maar ook zonovergoten wandelingen waarbij de lente volop in de lucht hing. ‘Koester de lente wherever you find it’ was mijn motto, dus ik haalde mijn hart op aan krokussen (elke dag een beetje meer), zachte knoppen en bloeiende toverhazelaars. Een nieuw blad aan mijn plant. En met de zon op m’n bol naar kantoor fietsen. Het kleine grote geluk diende zich overal aan.

lees verder →

overgave.

Op de rand van mijn verstand
de grenzen van mijn kennen
daar waar ik steeds weer strand
voorbij mijn eigen einden
verdwaal in mijn verlangen

Daar, precies daar
begint de zee
eindeloos strekt ze zich uit
naar mij en iedereen

Ze wil dragen en omgeven
blijft vragen me volledig
aan haar golven over te geven
te drijven en te zwemmen
in bodemloos vertrouwen

de golven tot mijn grond te maken
me te laten dragen
laten deinen
toevertrouwen

januari.

Januari begon goed. Ik vierde de jaarwisseling thuis en we dansten het jaar in! Ik kan alleen voor mezelf spreken, maar voor mij betekende dat: wat dit nieuwe jaar ook gaat brengen, ik ben van de partij. Ja, een goed begin.

We deden een nieuwjaarsduik en later die week – het was nog kerstvakantie – verbleef ik met een vriendin een paar dagen in een huisje. Slapen, bijpraten, wandelen, eten, uitrusten, cocoonen. Het was fijn.

Aan het einde van die dagen merkte ik hoe er weer ruimte ontstond om vooruit te kijken. In december had ik geleefd alsof het nieuwe jaar nog niet bestond. Dat was goed en fijn en nodig. Maar ergens in die eerste week van januari was het alsof er een streep licht naar binnen viel. Alsof alles ineens weer open lag. Of om in dat beeld van die tunnel te blijven: alsof ik de tunnel uitreed en weer in een open landschap stond. Ik schreef er hier iets over.

lees verder →

nieuwe ruimte.

Zeven januari is het. Ik ben net thuis, na een ochtend op kantoor. Samen met mijn kantoorgenootje maakte ik een frisse start. Een schoonmaakbeurt voor onze fijne plek. De een had een stofzuiger meegenomen, de ander appelflappen :)

En nu zit ik hier. Hier in januari. Nieuwe ruimte, zo voelen deze dagen. Na een paar weken van terugtrekken, loslaten, vertragen en naar binnen keren – met en zonder gezelschap – betreed ik nu een nieuwe ruimte. Het is hier open, alles is nog mogelijk. De lucht is koud maar helder. Een zonnige winterdag.

Ook in mij voelt het helderder. Opgeschoond. Dichterbij de kern. Er is wat ruis weggevallen en de kern is steviger nu, merk ik. Ik zie de contouren weer, de grote lijnen. De dingen die ik belangrijk vind. De dingen die ik dacht dat moesten, maar misschien toch niet. De dingen die mijn hart hebben. Welke kant ik op mag gaan.

Een heel nieuw jaar, klaar om zich te ontvouwen. We zijn al begonnen.

Ik weet niet waar ik zijn moet,
maar er zijn plekken
waar mijn hart opgelucht ademhaalt
en ik denk dat ik dat maar volg.

dromen drinken als ontbijt

Translate »