Winternacht (en hoe het ook weer licht werd)

Ik heb zin om te toveren. Te toveren met woorden. Ik heb zin om alle strooisels die deze week door mijn hart waaien, samen te voegen tot iets moois, een geheel van aan elkaar geregen letters die samen zinnen vormen. Een verhaal.

Het zou een verhaal zijn over een donkere nacht, over het gevoel hebben dat alles om je heen donker is, maar dan ook echt donker en dat je het allemaal even niet meer weet. En ook al lijkt het verhaal op dat moment in die donkere nacht te stoppen, dat doet het niet.

Want daar, in dat midden van het donkerste donker, zo donker dat je je oriëntatie helemaal kwijt bent en je alleen nog maar het gevoel hebt dat je valt, dieper en dieper en dieper, zou op een gegeven moment iets van warmte te voelen zijn. En dan nog iets en dan ook nog een lichtje en dan nog eentje. Niet veel of groots of meeslepends, maar toch. Precies genoeg om uiteindelijk heel voorzichtig op te krabbelen, heel langzaam weer gaat staan. En dat je dan nog steeds wel sip en een beetje in de war bent, maar toch ook een heel klein beetje kunt genieten van dat ene kopje koffie. Dat je nog lang niet verder durft te kijken dan het hier en nu, maar dat je opgelucht bent dat het hier en nu niet meer zo donker is als de nacht ervoor. En niet alleen opgelucht, maar dat je het zelfs een beetje durft te vieren. Gewoon hier en nu, en verder niets.

En dat je na dat kopje koffie en een willekeurig tekeningetje in je schetsboek weer naar huis wandelt en besluit om jezelf even te verliezen in muziek. Dat je op play drukt en daarmee de wereld om je heen laat vervagen en je op laat slokken door die wondere wereld die door je oordopjes naar binnen komt. Dat je dat alles zo intens beleeft dat er voor niets anders ruimte is dan dat. En dat je dan weer thuis komt en het gevoel hebt dat je op reis bent geweest.

En dat je dan besluit dat het goed was, ondanks dat je de dag daarvoor zo hard en diep viel en het gevoel had dat je het allemaal niet meer wist, maar dat je op dat ene moment in het hier en nu geval weet dat er toch nog iets is. Dat er zelfs na die donkere nacht nog steeds schoonheid is, die schoonheid die boven jezelf uitstijgt, zo tastbaar dat je het in elke vezel van je hart kunt voelen, bijna proeven kunt. En dat er nog steeds zoveel is wat je niet weet, maar dat je besluit: dit is voor nu genoeg.


De laatste weken heerste er hier een winterdipje. En in mijn hoofd klinkt dat alsof er een somber waasje over alles heen hangt, en ja, dat was inderdaad ook het geval. In mijn hoofd klinkt winterdipje niet alsof die somberheid uiteindelijk een soort climax bereikt, waarin ik mezelf even helemaal kwijt lijk te zijn en het gevoel heb in een zwart gat te vallen. Maar toch is dat ook het geval. Mental breakdown is denk ik het woord dat het het beste omschrijft, hoewel dat dan weer een beetje hysterisch over de top klinkt, alsof ik het erger maak dan het is. Tegelijkertijd kan ik me op zo’n moment geen erger, depressiever, somberder of zwaarder gevoel voorstellen dan dat, ook al duurt zo’n ‘bui’ maar een paar uur. En ja, het is altijd in december, zo’n beetje elk jaar. Nu is één keer per jaar een depressieve bui wel te overzien, dus ik maak me geen zorgen. Maar toch, het is intens. Inmiddels is het alweer bijna een week geleden, maar er wilde toch nog iets over geschreven worden. Dus bij deze.

PS Misschien herken je er iets van, misschien ook niet. Misschien zit je er wel middenin. Mocht je er iets over kwijt willen, stuur me dan gerust een berichtje, dat mag altijd.

5 reacties

  1. Wat mooi! Bij mij komt de winterdip meestal in januari. Ik weet elk jaar dat het komt en probeer me erop voor te bereiden, maar wennen doet het niet. Gelukkig weet ik dat het ook elk jaar weer vanzelf overgaat.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Translate »